Waarom ik niet achter de trainingsmethode van RTDC sta(En waarom leiderschap niet hetzelfde is als vertrouwen)

Waarom ik niet achter de trainingsmethode van RTDC sta
(En waarom leiderschap niet hetzelfde is als vertrouwen)

Je hebt het vast al ergens gelezen of voorbij zien komen: de methode van Ron van RTDC. Een hondentrainer die het internet opvult met termen als natuurlijk leiderschap, geborgenheid en balans.

Klinkt logisch, toch? Tot je verder leest.

Want achter die mooie woorden schuilt een aanpak waar ik persoonlijk grote moeite mee heb. En ik wil je uitleggen waarom — niet alleen als hondenliefhebber, maar als adoptiebaasje van angstige honden, die geleerd hebben dat vertrouwen niet komt door dominantie, maar door veiligheid en geduld.

Leiderschap? Of controle?

Volgens Ron is angst bij honden een teken dat ze zich niet geborgen voelen, en dat wij als eigenaar de “leiderstaak” moeten overnemen. En als een hond blaft, vlucht of uitvalt, dan ligt dat aan een gebrek aan leiderschap.

Maar hier gaat het mis.

Want een hond die bang is, heeft geen leider nodig.
Hij heeft rust nodig.
Vertrouwen.
Een veilige plek waar hij zelf mag kiezen of hij contact zoekt — of even niet.

De methode van RTDC draait echter om corrigeren.
Een touw hoog in de nek.
Een ruk als hij blaft.
Een dwingende stem als hij aarzelt.
Allemaal onder het mom van “balans brengen”.

Wat mij betreft: pure gedragscontrole, verpakt als zorg.

Wat ik wél zie werken

Ik zie honden die getraumatiseerd zijn.
Die in kooien zaten. Geslagen zijn. Vervoerd werden in vrachtwagens.

En dan zouden we, hier in hun veilige thuis, een lijn om hun nek moeten trekken en bepalen wanneer ze rustig zijn?

Nee.

Wat ik zie werken is het tegenovergestelde:
Keuzevrijheid. Geduld. Zacht praten. Niet eisen, maar uitnodigen.
Echte vooruitgang komt als de hond zélf durft — niet als hij niet anders kan.

Waarom ik me uitspreek

Ik noem zijn naam, Ron, heel bewust.
Want dit gaat niet over een verschil van mening.
Dit gaat over honden die opnieuw in paniek raken, terwijl we dachten dat ze eindelijk veilig waren.

En ja, ik snap het: sommige mensen zien snel resultaat met zijn methode.
De hond blaft minder, trekt niet meer aan de lijn.

Maar het gedrag is niet verdwenen. Het is onderdrukt.
En geloof me — het komt terug. Op een onverwacht moment, op een nare manier.

Tot slot

Er zijn andere manieren.
Betere manieren.

Voor wie echt wil begrijpen wat een buitenlandse hond nodig heeft, is leiderschap niet het antwoord.
Aanwezigheid is dat. Geduld. Inlevingsvermogen.

Daarmee bouw je aan vertrouwen — en niet met een ruk aan een touw.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven